In de poortvormige ingang van een herberg slaat een jongen op een krijgstrom. Hij is gehuld in zeventiende-eeuwse kleding en draagt een breedgerande hoed met veer. Rondom hem diverse harnasonderdelen en wapenen. In het schemerige interieur zitten bij een schouw twee mannen te kaarten. Het doek wordt aan de bovenkant ovaal oversneden.