In een tempelruimte vol zuilen ligt het Christuskind in de armen van Simeon, die achter een altaar staat. Maria knielt voor hem, Jozef staat achter haar. Op versozijde gedrukte Latijnse tekst. Deze prent is onderdeel van een serie van 20 prenten, bestaand uit een titelprent en 19 prenten met scènes uit het leven van Maria.