Petrus is staande voorgesteld, rustend op zijn rechterbeen. In zijn linkerhand houdt hij een opengeslagen boek en in zijn rechterhand zijn nu verdwenen attribuut, de sleutel? Hij heeft een korte baard, een kale kruin en rond de slapen krullend haar. Hij is gekleed in een tot op de ongeschoeide voeten afhangend, gegord gewaad, waarin een ...