‘Wat mijn jurken betreft is het misschien met ‘t oog op de kleinkinderen wel verstandiger om ze voorlopig in bruikleen te geven, zij zouden dan eventueel naar een gekostumeerd bal nog eens in den grootmoederlijke tooi te voorschijn kunnen komen’, schreef mevrouw Vogel-van Eibergen Santhagens aan jonkvrouw de Jonge in 1947. Het betrof onder meer ...