Wendering. Ring; gespleten scheen; met in ovale vatting een wentelend ovaal; op de rand van de vatting een parelversiering aangebracht; in wentelend ovaal aan elke zijde achter glas een miniatuur geplaatst: aan de ene zijde het portret van Friedrich II van Pruisen: borststuk; naar links gewend; gekleed in blauwe uniformjas met rode kraag; grijze pruik ...