Breischede met als bekroning een mannenhoofd. Bovenin is een gat uitgeboord, omringd door een achtpuntige ster. De voorzijde en de linker- en rechterzijkant van de schede zijn met zigzagranden in kerfsneewerk versierd. Een lange sleuf beslaat het midden van de schede. Onderaan is deze ter weerszijden van een zespuntige ster gemerkt: 'Martinus Jansen 1858'. Aan ...