Machinaal geweven wollen stof met ingeweven ruiten in grijs en crème en ingeweven groene en witte strepen in glansgaren. De stof is gebruikt door vrouwen en meisjes in Zuid-Bevelandse streekdracht voor schouderdoeken, de zogenoemde 'broekedoeken'. Dit type broekedoeken werd met name in de periode 1920-1940 gedragen.