Bedrukte katoen, gebruikt voor schouderdoeken en 'beuken' (kroplappen) en vanaf omstreeks 1950 gedragen bij de daagse dracht door vrouwen en meisjes in Zuid-Bevelandse streekdracht. Tegen de achterzijde zit een stuk van de voering die genomen is van een afgedankte doordeweekse schort van geruite katoen.