Strook van een gestreepte greinen 'keus' (rok), gedragen door een vrouw of meisje in Walcherse streekdracht in de tweede helft van de negentiende eeuw. Toen de bontgekleurde greinen keuzen uit de mode raakten, werden ze als 'kermiskeus' afgedragen. De weefbreedte is 40 centimeter. De strepen zijn in de lengterichting geweven. De stof is geweven in ...