Oorijzer, gedragen door een vrouw in protestantse Zuid-Bevelandse streekdracht. Het oorijzer bestaat uit een zilveren beugel en twee gouden ‘stikken’ (rechthoekige oorijzeruiteinden). De stikken zijn aan de achterzijde versierd met graveerwerk. In de stikken staat de jaarletter van 1883 en in de beugel staat de jaarletter van 1928. Op de stikken staat het meesterteken van ...