Een oorijzer van 18-karaats goud, gedragen door een vrouw in streekdracht, waarschijnlijk uit de Vechtstreek (het gebied rond de Utrechtse Vecht). Aan de beide uiteinden van de beugel is een paar zogenoemde 'boeken' gezet. Deze boeken zijn licht gebogen en voorzien van versieringen in filigrein. Typerend voor de oorijzers uit de Vechtstreek zijn de oogjes ...