Oorijzer, bestaande uit een messing beugel en twee vergulde messing krullen. Het oorijzer is gedragen door een vrouw in streekdracht van Walcheren. De krullen hebben vier windingen. In de aanzet van de krullen zitten twee gaatjes. Door deze gaatjes kunnen spelden worden gestoken om het oorijzer en de muts aan elkaar vast te maken.