Het gebied Oldeboorn en Beetsterzwaag bestond na omstreeks 1860 begonnen ontvening hoofdzakelijk uit moeraslanden, die weer in cultuur moesten worden gebracht. N.a.v. een in 1892 plaatsgevonden hebbende grote overstroming besloot het Polderbestuur van de toenmalige Groote Veenpolder in Opsterland en Smallingerland in 1893 tot inpoldering van het gebied. Het Sudergemaal aan de Ripen in Nij ...