Preekstoel
18e eeuw
Zeszijdig zwevend, met rechts een rechtopgaande trap met een spijlenleuning. Aan de onderzijde van de kuip een afhangende bladertros. De zijden van de kuip zijn van elkaar gescheiden door uitspringende gekapiteelde pilasters, die doorlopen over de onderkuip. Tussen deze onderkuippilasters een bebladerde voluut. Op drie kuippilasters een afhangende lauwerslinger, lauwerguirlandes ertussen. Op de trapstijl en ...
042008
Stichting Oude Groninger Kerken
Uitgebreide informatie