Tinnen blaker, half rond met vier opstaande lobben. In het midden een cilindrische houder voor een kaars. Bewerkingsgroeven zijn zichtbaar. De groeven zijn veroorzaakt door een schapstaal op een met de hand aangedreven tinnegietersdraaibank. Gemerkt op de onderkant van de bodem met een gekroonde roos met in de roos de letter "F" voor fijn tin. ...